De G8-top in L'Aquila

Caritas: Teleurstellend resultaat


 14/07/09 - De slotverklaring van de recente G8-top in L'Aquila is over de hele lijn te vaag en teleurstellend. Ze bevat héél veel goede voornemens, maar te weinig spijkerharde financiële toezeggingen om de toenemende honger in de wereld daadkrachtig te bestrijden. Dat zeggen de Caritas-vertegenwoordigers op de topbijeenkomst.

Kleinschalige familiale landbouw

Caritas is wel blij met het initiatief om, gespreid over 3 jaar, 20 miljard dollar uit te trekken voor de stimulering van duurzame landbouw in de ontwikkelingslanden. Dit betekent een belangrijke verschuiving van directe voedselhulp naar structurele investeringen, die de landbouw in de ontwikkelinglanden stimuleren. Met deze radicaal gewijzigde strategie is het vooral de bedoeling om mensen ter plaatse te helpen zichzélf van voedsel te voorzien, in plaats van afhankelijk te blijven van directe buitenlandse voedselhulp, die de onderliggende oorzaken van de honger niet wegneemt. Dat het accent wordt gelegd op de kleine boeren, met name vrouwen, in de ontwikkelingslanden is, volgens Caritas, een goed teken. Maar niet enkel de kleine boeren, ook andere kleine landbouwproducenten, zoals verwerkers, stockeerders, transporteurs, verdelers en handelaren van eigen agrarische producten, staan hierbij centraal.

De stimulering van duurzame landbouw waarborgt op (middel)lange termijn méér voedselzekerheid, jobs, plaatselijke voedselvoorraden, controle over de eigen bodem- en natuurrijkdommen en export, en dus méér inkomsten. Kortom: het stimuleren van duurzame landbouw maakt de ontwikkelingslanden minder afhankelijk van de schommelingen én speculaties van de prijs van brandstof en van sommige levensmiddelen (zoals graan, rijst en soja) op de wereldmarkt.

Caritas merkt op dat, alléén al tijdens de afgelopen 18 maanden, 13,5 miljard dollar is gegeven aan rurale ontwikkeling. Het toegezegde bedrag van 20 miljard dollar voor de komende 3 jaar betekent dus een achteruitgang, lang niet genoeg om de zowat 1 miljard hongerlijdenden in de wereld (waarvan driekwart op het platteland woont) te voeden. De deelnemers aan de G8-bijeenkomst hebben hun vroegere beloften voor financiële hulp aan de armsten nog maar eens herhaald, maar vertellen er niet bij hoe ze die toezeggingen concreet gaan invullen. Als men ziet dat landen zoals Italië en Frankrijk nu al fors snoeien in hun ontwikkelingsbudget, is er, volgens Caritas, reden tot ongerustheid.

Klimaatdoelstellingen


De G8-top heeft beslist om de temperatuur op aarde maximaal met 2 graden Celcius te laten stijgen, ten opzichte van de gemiddelde temperatuur bij het begin van de industriële revolutie. Om dit te bereiken willen de rijke landen hun uitstoot van schadelijke CO2-uitstootgassen (die verantwoordelijk worden geacht voor de opwarming van de aarde) tegen 2050 met 80% verminderen. Maar het is niet duidelijk welk jaar als referentie is gekozen (volgens het Kyoto-Verdrag is dat 1990). En het zou beter zijn geweest om al tegen het jaar 2020 duidelijke klimaatdoelstellingen vast te leggen, om zo de autoriteiten tot onmiddellijke acties te dwingen.

Aan de arme landen, die de kwalijke gevolgen van de klimaatsveranderingen het eerst en het hardst voelen, is géén sluitende financiële hulp beloofd door de rijke landen, die hiervoor nochtans het meest verantwoordelijk zijn. "De G8-landen lijken niet te begrijpen dat klimaatswijzigingen de armoede in de wereld zullen bestendigen en de geboekte vooruitgang in het ontwikkelingswerk van de voorbije decennia tenietdoen. Zo spelen ze met het leven van miljoenen mensen onder de armsten van de wereldbevolking", concludeert Joanne Green (CAFOD), de Caritas-vertegenwoordigster op de top van L'Aquila.




09/07/09 - Caritas: belofte maakt schuld


 De rijke industrielanden kunnen slechts hun gezag herwinnen, als ze eindelijk hun jarenoude belofte nakomen om de wereldwijde armoede daadwerkelijk terug te dringen. Dat zegt Caritas in de marge van de driedaagse bijeenkomst (8 - 10 juli) van de G8, dat zijn de belangrijkste industrielanden, in het door een aardbeving getroffen Italiaanse L'Aquila.

De staatshoofden en regeringsleiders van de 8 belangrijkste industrielanden krijgen in L'Aquila het gezelschap van de zogeheten G5, dat zijn 5 groeilanden (waaronder China en India) en op de slotdag komen er ook vertegenwoordigers bij uit enkele Afrikaanse landen. De belangrijkste onderwerpen op de agenda van de top zijn: de economische crisis, protectionisme en wereldhandel, de klimaatproblematiek, de armoede en de voedselveiligheid.

Schommelende budgetten

De verwachtingen zijn niet hoog gespannen, want bepaalde G8-landen, vooral Italië en Frankrijk, slikken hun vroeger aangegane verbintenissen in, met als excuus de financiëel-economische crisis. Zo verminderde Italië zijn internationale hulp met maar liefst 56%. Daartenover stijgen de militaire uitgaven in de wereld tot een nooit eerder geziene hoogte van 1,4 triljoen dollar, en krijgt de noodlijdende banksector 8,7 triljoen dollar toegestopt.

Caritas vreest dat de huidige wereldwijde economisch-financiële crisis uitdraait op een globale inkrimping van de ontwikkelingsbudgetten. Die kan de vooruitgang te niet doen, die de voorbije 10 jaar is geboekt in de strijd tegen de armoede. Door de crisis zijn 100 miljoen mensen arm of dreigen het te worden en hebben dringend voedselhulp nodig. Volgens de Wereldbank zullen tegen 2015 tussen de 1,4 en 2,8 miljoen kinderen sterven als de huidige crisis aanhoudt. Volgens voorzichtige ramingen is er tegen 2020 om en bij de 153 miljard dollar bijkomende financiële hulp nodig aan de ontwikkelinglanden.

Caritas roept op woord te houden

Lesley Anne Knight, de algemene secretaris van Caritas, vraagt dat de G8-landen hun verbintenissen nakomen en zich een strak tijdschema opleggen inzake de eerder geformuleerde doelstellingen voor hulp en ontwikkeling: "Als deze gelegenheid niet wordt aangegrepen om echt leiderschap te tonen in de strijd tegen de mondiale armoede, verliezen de G8 al hun geloofwaardigheid. Snoeien in de hulpfondsen terwijl miljarden worden gepompt in een bankroet banksysteem betekent zoveel als de armen beroven om de rijken te voeden!".

Ook kardinaal Oscar Maradiaga, de internationale Caritas-voorzitter, klaagt aan dat de rijke landen het mes zetten in hun ontwikkelingsbudget: "De rijke industrielanden hebben in VN-verband beloofd dat ze jaarlijks 0,8% (0,7% voor de EU-landen) van hun BNP besteden aan ontwikkelingshulp. Slechts 5 landen hebben het doel van 0,7% bereikt. De VS komen nauwelijks aan 0,2%. De strijd tegen armoede is een blijvende morele opdracht. Voor tal van Afrikaanse landen betekent het snijden in ontwikkelingshulp zoveel als het offeren van mensenlevens!".

Pauselijke encycliek

Kardinaal Maradiaga hoopt dat de nieuwe pauselijke encycliek "Caritas in Veritate", over de sociaal-economische leer van de Kerk, de ogen zal openen en de morele verantwoordelijkheidzin van de wereldleiders zal aanscherpen tegenover de armsten in de Derde Wereld.

Paus Benedictus XVI heeft onlangs de deelnemers aan de G8-top in L'Aquila opgeroepen tot een nieuwe economische wereldorde, geleid door de christelijke morele beginselen van solidariteit, rechtvaardigheid en naastenliefde: "Winst is nuttig als ze een doel dient. Als de globalisering van de wereldeconomie goed wordt aangepakt, kan de rijkdom over de hele wereld worden verspreid. Maar een slechte aanpak kan leiden tot meer armoede en ongelijkheid".

 

Wie zijn wij | Hulp buitenland | Hulp aan migranten | Hoe helpen? | Publicaties | Pers | Contact

Caritas International, Liefdadigheidstraat 43, 1210 Brussel
Tel: +32 (0)2 229 36 11, Fax : +32 (0)2 229 36 25, info@caritas-int.be, © 2008