01/02/2010 - Artikel dd 27/01/2010 uit de weblog van Jos de Voogd, Caritas Nederland. Logistiek Distributie is een veelbesproken onderwerp vandaag in Haïti. Er ligt zware druk op alle organisaties om op dat vlak te presteren. Uit alle landen komen telefoontjes met het verzoek snel grote hoeveelheden hulpgoederen te leveren. Dinsdag 19 januari bezocht ik mijn eerste distributie: een grote, beveiligd door VS soldaten. Niet echt de Caritas-aanpak, om het op die manier te regelen. Wij willen kleinere distributies, waar de gemeenschap zelf de goederen in ontvangt neemt en verdeeld. Via een fijnmazig netwerk dus. Gelukkig zijn er ook op die manier al veel distributies uitgevoerd. Gezien de enorme noden en de grote aantallen mensen die weinig tot niets meer hebben moeten beide distributievormen waarschijnlijk worden uitgevoerd. Twee dagen geleden heb ik het Caritas warenhuis bezocht. Een groot gebouw, met laadplatformen voor vrachtwagens, maar binnen liggen alle spullen op de grond. Er zijn geen stapelrekken en er staats niks op palletten. Dat betekent dat alles met de hand de vrachtauto’s in en uit moet. Er melden zich gelukkig veel vrijwilligers, zoals scholieren en studenten, maar die moet je dan wel vervoer bieden naar het warenhuis toe en terug. Kortom, niets gaat vanzelf. Hulp aan de armsten Ten tijde van de ramp was dit warenhuis bijna leeg. Nu liggen er allerlei gedoneerde spullen in, veelal afkomstig uit het buurland Dominicaanse Republiek, waar de supermarkten gewoon open zijn. Bij het warenhuis staat een oudere blanke zuster, sr Maureen uit Canada, die al 47 jaar in Haiti woont. Op het terrein van het zustershuis verblijven momenteel 400 mannen, vrouwen en kinderen. Ze is met haar pickup-wagen gekomen en laadt een stapel eieren in, afkomstig van een donatie van 1.000 eieren. Die staan al enige dagen ongekoeld in een apart kamertje, het stikt er van de vliegen. Gelukkig worden de eitjes hier hard gekookt. We volgen daarna een andere pickup-wagen, volgeladen met 25 grote tassen met luiers, wc rollen, blikjes eten en maandverband, naar een binnenplaats. Hier zitten 25 families. “We hebben water voor onze kinderen nodig”, zegt een van de ontvangende vrouwen. Water zit niet in de tas. Maar Tom, een journalist uit de VS, spreekt met een andere vrouw die zegt dat water geen probleem is, “je kunt het hier om de hoek verkrijgen”. Wie moet je nu geloven? Ik spreek met Guilande, een vrouw van 38 jaar. Ze is hier met haar zoon van 17, haar man is overleden, maar niet als gevolg van de aardbeving. “Deze tas is de eerste hulp die we krijgen”, zegt ze. “Overdag zwerf ik door de stad, net als alle anderen, op zoek naar drinkwater en voedsel. ’s Nachts verbijven we hier, dat is veel veiliger dan op straat”. Ze kijkt heel serieus. Maar als ik haar vraag de tas omhoog te houden voor een foto, begint ze vrolijk te lachen.
|