31/01/2011 - Een half jaar geleden liep, door overvloedige en langdurige moessonregens, haast een 5de deel van Pakistan onder, m.n. het hele bekken van de Indus-rivier. Bijna 2000 mensen lieten het leven. 1,75 miljoen huizen werden weggespoeld of raakten beschadigd. 2 miljoen ha. oogst gingen verloren. In totaal werden minstens 18 miljoen Pakistanen getroffen door de verwoestende natuurramp. Het Caritas netwerk heeft tot nu toe al 20 miljoen dollar (omgerekend 14,7 miljoen euro) uitgegeven voor hulp aan de slachtoffers van de overstromingen. Caritas International België alléén kreeg in totaal € 1.711.336 binnen aan giften voor het noodlijdende Pakistan, waarvan € 1.333.645 op de eigen rekening en € 377.691 via het hulpconsortium 1212. Positieve balans Door de snelle inzet van Caritas Pakistan en dank zij de grensoverschrijdende hulp van het Caritas-netwerk konden in de begindagen veel mensenlevens worden gered. Tijdens het voorbije half jaar werkte Caritas een omvangrijk programma uit voor noodhulp én voor een bescheiden wederopbouw. Hier volgt een overzicht van de resultaten die Caritas heeft geboekt:
- Zo'n 100.000 mensen kregen voedselpakketten. Aan ongeveer 350.000 anderen zijn hulpgoederen uitgedeeld zoals slaapmatten, touwen, emmers, zeep of muskietennetten.
- 50.000 bewoners zijn geëvacueerd uit gebieden met een hoog overstromingsgevaar, m.n. in de meest getroffen zuidelijke provincie Sindh.
- Omdat veel hospitalen en gezondheidscentra schade opliepen werden ruim 88.000 slachtoffers van de overstromingen medisch geconsulteerd of behandeld door Caritas-medewerkers.
- Bijna 20.000 getroffen gezinnen ontvingen hygiënekits en/of waterzuiveringstabletten.
- Op tal van plaatsen bouwde Caritas sanitaire voorzieningen (latrines) en ook waterzuiveringssystemen, die een héél dorpen kunnen bevoorraden.
- Ruim 1/3 (6,3 miljoen euro) van het beschikbare budget besteedde Caritas aan dringende noodopvang. Om en bij de 40.000 gezinnen kregen materiaal (tenten, plastic dekzeilen, palen) voor een voorlopig onderdak tijdens de huidige winterperiode. In de provincie Sindh werden zogeheten overgangshuizen (één kamer die de bewoners later kunnen uitbreiden tot een volwaardige woning) gebouwd.
- Caritas voltooide meer dan 130 plaatselijke infrastructuur-projecten, zoals het herstellen van wegen en irrigatiekanalen.
- Ongeveer 14.000 boerengezinnen kregen van Caritas zaden en meststoffen en hun vee werd ingeënt.
Nog véél extra-hulp nodig "Er is nog veel werk te doen. In de streken waar we actief zijn, gaan we nu pas langzamerhand over van de fase van noodhulp naar die van wederopbouw. Maar in sommige streken, vooral in het zuiden van het land, ontberen de mensen nog de meest elementaire dingen, zoals voedsel en schoon water. We staan dus voor een reuzengroot dilemma: enerzijds hebben veel mensen nog nood aan dringende noodhulp, en tegelijk moet er een aanvang worden gemaakt met de wederopbouw. Caritas kan nu eenmaal niet alle getroffen gebieden bedienen", aldus bisschop Joseph Coutts, voorzitter van Caritas Pakistan. "De omvang van de overstromingen was zéér groot", vervolgt J. Coutts. "We doen alles wat we kunnen en werken nauw samen met tal van andere NGO's ter plaatse, maar er is nog véél meer hulp nodig. Samen met het hoofdkwartier van het Caritas netwerk in Rome bespreken we de plannen en coördineren we ons werk, dat zich de komende maanden zal blijven focussen op 3 prioriteiten: onderdak verlenen, preventieve gezondheidszorg en voedselzekerheid". Een race tegen de klok Na 6 maanden vecht Pakistan nog steeds tegen de overstromingsramp. Vooral in het zuiden blijft de situatie alarmerend. In oost-Baluchistan en vooral in de provincie Sindh staan nog grote gebieden blank. Er kan dus niet gezaaid worden. Door een tekort aan voedsel (graan, rijst) en de daaruit voortvloeiende stijging van de voedselprijzen loert hongernood om de hoek. In de provincie Sindh is de graad van ondervoeding even erg als in de Afrikaanse hongerlanden Niger en Tsjaad. Volgens UNICEF krijgt zowat 22 % van de kinderen te weinig eten en riskeren tienduizenden van hen om te komen van de honger. 170.000 ontheemde Pakistanen leven vandaag nog steeds in vluchtelingenkampen, in primitieve en onhygiënische omstandigheden. Tenminste een half miljoen ontheemden die naar hun woonplaats terugkeerden leven in bittere armoede, min of meer onder de blote hemel. Hun huizen en velden zijn verwoest. Er zijn al meer dan 200.000 gevallen van levensbedreigende longontsteking vastgesteld. Gevreesd wordt dat vanaf maart, wanneer het warmer wordt, het sterk vervuilde stilstaand water in het zuiden, een broeihaard wordt van besmettelijke ziekten zoals cholera, malaria en knokkelkoorts. Overheidssteun ontoereikend In een interview met het agentschap Fides verklaart pater Bonnie Mendes, directeur van het departement Azië van Caritas Internationalis: "De situatie is nog steeds zeer ernstig voor tienduizenden gezinnen. Op een grootschalige wederopbouw van Pakistan moeten we nog jaren wachten. We zitten nog middenin de noodhulp-fase. Meer dan 170.000 ontheemden verblijven nog in kampen en bepaalde gebieden staat nog steeds water. Op nationaal vlak heeft Caritas niet genoeg hulp gekregen en dat heeft zijn weerslag op ons werk. De christenen en religieuze minderheden hebben het bovendien extra-moeilijk om financiële steun van de overheid te krijgen". Er is voor de helft van de daklozen in Pakistan voorlopig dus géén onderdak, gewoon omdat er een schrijnend gebrek is aan fondsen voor humanitaire hulp. Van de 2 miljard dollar financiële steun, die de VN vroeg aan alle lidstaten, is slechts een dikke helft, 1,2 miljard dollar, effectief gegeven! De fase van wederopbouw van het land staat nog maar aan het begin en kan nog jaren duren... |