India

Reisverslag : India, land van twee snelheden


 24/02/2009 - Noord Bihar, India. Traag rijden we in Saharsa over de hobbelige verhoogde wegen vol zakjes zand. Andere wagens zijn er niet te zien in deze dorpen, enkel nu en dan een kar afgeladen vol mensen. Dat staat in schril contrast met het razende verkeer waar we gisteren in verzeild waren op de hoofdweg Patar Saharta. We deden zo'n 10 uur over 280 kilometer, tussen honderden camions en Shivastoeten.

Samen met Caritas India zijn we op weg naar begunstigden van het noodhulp en heropbouwprogramma na de reusachtige overstromingen van 2008. De inwoners van Bihar zijn wel wat gewend. Elk jaar zorgt de smeltende sneeuw van de Himalaja voor overstromingen. Maar niemand kon voorspellen welke verwoestende omvang die van 2008 zouden hebben. Op 18 augustus baande de Kosni rivier zich immers een weg door 100 ha landbouwgrond en 400 dorpen. Zo n 2 miljoen mensem verloren alles. Op de meeste plaatsen stond het water 1 meter hoog, gedurende zeker 45 dagen. Hoe en waar leefden deze 2 miljoen mensen dan? In kampen in scholen, verhoogde wegen en hoger gelegen gronden. Het noodhulpprogramma van het Caritasnetwek hielp in een eerste fase ruim 40.000 mensen met voedsel, kleding en tenten. Logistiek was het een nachtmerrie.

Nu, na 6 maanden, zijn de meeste gezinnen teruggekeerd naar hun dorp. Slechts 2 NGO's, waaronder Caritas, zijn hier gebleven voor de heropbouw. 4.000 families kregen al dekens em muskietennetten, handpompen worden gerepareerd en de aanleg van toiletten is in voorbereiding.

 Onze eerste stopplaats is een verhoogde weg waar 20 families die hun grond verloren aan de rivier, een bamboehuisje hebben ineengeknutseld. Ja, de rivier heeft halve dorpen opgeslorpt toen ze van bedding veranderde. Voor hen onderhandelt Caritas India met de overheid over grond. De vrouwen zijn wanhopig. Hun kinderen hebben malaria, hoesten en hebben honger. Sommige van de mannen zijn vertrokken naar Pumjab om als loonarbeider aan de slag te gaan bij grote boeren.

De meeste inwoners van Bihar zijn kleine keuterboeren die onder de sloef liggen van de landeigenaars. Met Caritas India bezoeken we 2 boerendorpen. De huizen of liever de hutten van bamboe en stro, staan er weer. Maar meubels zie ik niet, alleen wat huisgerief en hier en daar enkele buffels. Vandaag komt onze mobiele kliniek hierheen; iedereen die ziek is krijgt gratis onderzoek en geneesmiddelen. Je voelt dat iedereen zenuwachtig is en gespannen. Een echte dokter is een luxe die deze boeren zich niet dikwijls kunnen permitteren.

 De vrouwen wachten mooi in de rij met hun kinderen hun beurt af, de mannen zitten in een cirkel rond onze animator te praten. De dokter vertelt mij tussen de bezoeken dat heel wat vrouwen en kinderen diarree hebben door het verontreinigde water. De pompen gaan maar 10 meter diep en dat is veel te weinig volgens hem. Heel wat kinderen zijn ook ondervoed en krijgen vitamines.

Andere acties zijn nog volop in voorbereiding: zaaigoed en werktuigen voor 4.000 arme boeren en voor wie geen grond heeft 3 geiten of meewerken aan ons "cash for work" programma.



26/02/09 - De provincie Bihar is even groot als Oostenrijk en heeft 83 miljoen inwoners waarvan er 73 miljoen op het platteland wonen. Het grootste deel van de bevolking zijn dus landbouwers, doodarme landbouwers die leven van de opbrengst van rijst. Jobs in andere sectoren zijn er hier niet. Ze zijn gedoemd om landbouwer te worden, er is nu eenmaal geen keuze.

 De Het is schrijnend te zien hoe deze mensen moeten leven in huizen van bamboe en stro. Hoe weinig ze hebben: soms enkele dieren. Caritas India wijst de grootgrondbezitters met de vinger. Zij buiten deze boeren uit. Ook geven we de corruptie op regionaal niveau de schuld van deze situatie. Combineer dit met een bevolking die - in tegenstelling tot de zuidelijke bevolking - niet opkomt voor haar rechten, en de gevolgen zijn desastreus.

Terug in Delhi valt het mij op hoe India een land van 2 snelheden is. In de grote steden bloeit de diensteneconomie; zij is de bron van de groei van dit land. 1/3 van de Indiase werkkrachten produceert in deze sector de helft van het bruto nationaal product. De landbouw daarentegen geeft werk aan 60 procent van de bevolking maar produceert slechts 17 procent van het BNP.

In de grote steden zijn er scholen en universiteiten. Op het platteland is de situatie helemaal anders. Er zijn wel wat lagere scholen, maar van bedenkelijke kwaliteit en geografisch sterk gespreid. Middelbare scholen zijn er zo goed als niet. Geen wonder dus dat er een grote migratiegolf is van Bihar naar Punjab. In Punjab vindt er momenteel eem groene revolutie plaats en is de vraag naar werkkrachten hoog. Wat onze arme boeren van Bihar niet weten is dat het in Punjab op termijn niet beter zal zijn. In het begin zal de grootgrondbezitter hun fatsoenlijk betalen. Maar na enige tijd zullen ze, als quasi-slaven, moeten werken voor alsmaar minder geld.



28/02/09 - In Warangal bezoeken we 3 Dalitdorpen waar we al enkele jaren mee samenwerken. Telkens is de ontvangst feestelijk. We worden overladen met bloemen en ondergaan allerhande welkomsrituelen. De animators hebben zelfs in elk dorp een geluidinstallatie geplaatst. Vrouwen getuigen om beurt hoe dit programma hun leven verandert. Ze beseffen nu meer dan ooit dat het belangrijk is dat hun kinderen voortstuderen, dat ze de meisjes niet mogen uithuwelijken als ze 6 of 7 jaar oud zijn. Ze hebben leren sparen en samenwerken.

 Eindelijk opgewekte gezichten. Deze vrouwen zijn vol zelfvertrouwen en hebben duidelijk ambities voor hun kinderen. In deze streek zijn er dan ook heel wat goede scholen en MBA programma's. Het is waar dat deze dorpen voor ons westerlingen nog altijd armzalig zijn. Ik ben er ook al wat aan gewend; de eerste schok is voorbij. Hier is er water en electriciteit. De huizen zijn ook groter dan in Bihar en beter onderhouden. Fier tonen de vouwen ons hun keukentuin, compost en fruitbomen. De mannen tonen de vijvers die ze uitkuisen en dieper maken om zo het waterniveau te verlagen.

Dit is dus een heel ruim project dat de vrouwen in groep organiseert, opvoedt over sparen, gezondheid, duurzame landbouwtechnieken, veeteelt, irrigatievijvers, microkredieten en inkomengenererende projecten. Dit project loopt in 65 dorpen. In elk dorp nemen gemiddeld 30 vrouwen deel.



01/03/09 - Andra Pradesh heeft 90 miljoen inwoners, waaronder 60 tot 70 % boeren. 600 boeren pleegden hier al zelfmoord omdat ze hun schulden niet meer konden betalen. De prijs van de fertilizers en van het zaad (beiden in handen van multinationals) gaat alsmaar naar omhoog terwijl de productie en opbrengst dalen.

Caritas India heeft een national noodplan uitgewerkt dat wij steunen en dat gebaseerd is op een aantal principes. Zo wil Caritas India bijvoorbeeld af van meststoffen die de grond en het drinkwater vergiftigen. Het wil dat de boeren ophouden met elke jaar zaad te kopen bij multinationals en terug hun eigen zaad gebruiken dat resistent is tegen een aantal locale ziektes en veel goedkoper is. De laatste jaren kozen de boeren ook veel te veel voor monoculturen en Caritas wil dat ze voor multiculturen gaan. Dat put de grond minder uit en spreidt de risico's. Want als een boer bijvoorbeeld alles zet op katoen en de prijs daalt plots of de oogst mislukt als gevolg van droogte, dan is hij meestal geruïneerd. Want veel kleine boeren moeten immers geld lenen om zaad te kunnen kopen. Kiezen voor de lange termijn, voor biologisch boeren en voor de optimalisatie van het waterbeheer is het antwoord van Caritas India. Caritas International Belgie steunt dit programma financieel. Morgen gaan we in het bisdom Nellore 2 dorpen bezoeken die dankzij onze bijdrage in dit grote programma kunnen stappen. Ik ben benieuwd.



 02/03/09 - Het is heet in Prakasam. Bloedheet. Tegen de middag komen we aan in het eerste dorp waar 25 Dalitfamilies zonder grond sinds april 2008 meedoen aan ons project "Save the farmers, save India". Fier toont de verantwoordelijke ons de grote stukken land die ze van de regering vastkregen voor deze 25 families die vroeger in losse loondienst werkten. Bij de grootgrondbeziters om hun lening af te betalen of voor enkele maanden in de steden als arbeider. Migratie is een groot probleem in deze streek.

Elke boer krijgt 1 acre voor zichzelf en 10 acres zijn gemeenschappelijk; daar zal het vee op grazen. Het land ligt er nog wat droog bij volgens mij, er is duidelijk nog werk aan de winkel. Maar de deelnemers zijn ervan overtuigd dat volgend jaar hun velden er even mooi als die van de landheer gaan bij liggen. Ze zijn superfier. Gezwind sleuren ze ons mee naar verschillende vijvers die ze aan het uitkuisen zijn, tonen de greppels die ze volop aan het graven zijn voor druppelirrigatie, de fruitbomen die ze al hebben geplant, hun keukentuintjes met groenten, de verhoogde gronden rond de percelen, enz. Compost maken ze samen op een centrale plaats. Mannen en vrouwen zijn opgewekt. Zij geloven duidelijk weer in de toekomst. Binnenkort kunnen ze mischien ook nog eens een buffel bezitten: zij betalen de helft en wij de andere helft. Hebben ze geen geld, dan zorgen we voor een betaalbare lening. Enthousiast gaan we op weg naar het tweede dorp.



 03/03/09 - In het tweede dorp dat we bezoeken in Prakasam worden we snel geconfronteerd met het kastesysteem dat India nog altijd teistert. Het dorp is in 2 verdeeld: er is de wijk van de Dalits en de wijk van de andere kasten. Deze kasten verstoten de Dalits en behandelen hen als het vuil van de straat. Zo had de regering de Dalits 30 jaar geleden een groot stuk land van 110 acres toegewezen, maar de andere kastes waren daar niet mee akkoord. Ze sloegen de grond aan en bewerkten hem zelf. De Dalits ondergingen gewoon hun lot. Dertig jaar lang.

Tot Father Marie Joseph en het Caritasproject eraan kwamen. Father Marie Joseph onderhandelde vastberaden. Soms hard tegen hard. Zo hard dat hij gedurende een maand politiebescherming nodig had. Maar hij won het pleit. Vandaag bewerken 400 Dalitfamilies na dertig jaar voor het eerst hun land. Aan het einde van het seizoen moeten ze de overheid wel bewijzen dat ze hun land professioneel hebben bewerkt. Daarna is het definitief van hen.

De bewerkte grond ziet er dor en droog uit. Father Marie Joseph is dan ook op oorlogspad voor watervoorzieningen. Caritas India begrijpt zijn behoefte naar waterputten en irrigatie, maar heeft geen budget blijkbaar. Daarnaast hebben ze ook nog principiële bezwaren, want volgens hen zal een put het waterniveau nog verlagen. Toch kan dit land alleen maar verschillende oogsten opleveren als er irrigatie komt. Maar de boeren hebben nu rendement en inkomsten nodig. Overmorgen is te laat. Caritas Prakasam hoopt dat Belgie hen uit de nood kan helpen. Ik hoop het ook, want de moed van deze boeren en vooral de inzet en gedrevenheid van deze Caritas raakt mij diep. 's Avonds tijdens de mis bidt de Caritas directeur tot de God van de armen. Ontroerd luisteren we allen naar de muziek en genieten we van de lokale dansen in deze Indische mis.



 05/03/09 - Na een tocht van een zestal uren komen we aan in Vodarevu, een visserdorpje in het bisdom Nellore dat zwaar getroffen was door de Tsunami. De lokale bevolking vertelt ons dat de Tsunami inderdaad een hel was, maar ook een zegen. Bij deze iets wat verrassende uitspraak geeft Mevrouw Govindamma, de leidster van een werkgroep, mij meer uitleg: “Vroeger hadden we niets. We woonden in lichte bamboehuisjes, gevaarlijk dicht bij de zee. We waren bang als de wind opstak, maar deden niets om dat te veranderen. We luisterden zelfs niet naar goede raad, we vonden dat praatjes. Vroeger moesten anderen ons helpen, maar nu? Nu helpen wij ons zelf. En hoe komt dat? Wel, de Tsunami heeft ons wakker geschud en de ogen geopend. Toen Caritas Nellore ons zijn programma’s uitlegde, aarzelden we even, maar we waren snel overtuigd. Dankzij deze programma’s hebben wij ons kunnen organiseren in uiteenlopende groepen. Vandaag wonen wij in nieuwe stenen huizen die niet alleen veel steviger en groter zijn, maar ook veel veiliger en verder van de zee. We hebben een omvangrijk reddingsplan opgesteld voor heel ons dorp en een werkgroep eerste hulp opgericht; Kortom wij kunnen de cyclonen de baas. Maar het gaat veel verder. Ik ben bijvoorbeeld voorzitster van de actie ‘een vuist rijst’. Elke familie van het dorp geeft elke week een handvol rijst. Dat wordt onze reserve in geval er iets gebeurt. Hebben we gedurende een jaar geen ramp, dan geven we die rijst aan de allerarmste families en beginnen opnieuw. Een ander voorbeeld. Met microkredieten en vormingen hebben wij nieuwe kleine bronnen van inkomsten kunnen opstarten: winkeltjes, drogen van vissen, aquacultuur, enz. (in NGO jargon: inkomsten genererende projecten) Wij hebben nu een gemeenschappelijke kredietkas met 25.000 roepies, wie geld nodig heeft krijgt hiervan een lening. (in NGO jargon: revolving funds).”. Wie zou niet onder de indruk zijn van zoveel nieuwe initiatieven, van zoveel strijdlustigheid en energie.

 In de namiddag bezoeken we nog een vissersdorp, Alagayapalem. Na een welkomstlied waar ik veel het woord Nellore in herken, start de grote driloefening in ‘crisisprepardness’. De sirene loeit door het dorp, de groepsleiders verzamelen snel en overlopen het crisisplan dat ze hebben opgesteld. De rode vlag wordt geheist en vuurpijlen alarmeren de vissers.Alles gaat snel. Megafoons waarschuwen de bevolking dat de cycloon alsmaar dichter komt en ze snel naar de verzamelplaats moeten gaan. Hutten vallen om.Gewonden worden verzorgd en veiligheidsvesten en reddingsboeien van plastic flessen uitgedeeld Een ander ploeg gaat de zee op om vissers te redden. We gaan mee. De redders springen in het water, gooien geknutseld reddingsmateriaal naar de slachtoffers en charteren onbemande boten.

Tot laat in de avond discussiëren we nog met Father Alphonse, de gedreven directeur van Caritas Nellore die ook Caritas Prakassam superviseert. Over India, de situatie van de kleine boeren en de armoede die ook in de vissersdorpen zo zichtbaar is. We ontdekken dat de kleine keuterboeren ook hier zo’n 70% van de bevolking uitmaken en zijn belangrijkste doelgroep vormen. De volgende dag legt hij ons enthousiast zijn 8 projecten uit en stelt hij ons zijn ploeg voor. Die is groter dan zijn armzalig gebouw laat vermoeden: Caritas Nellore werkt in 130 dorpen voor 155.000 mensen en heeft 42 vaste werknemers, Het is zelfs de eerste Caritas die we tegenkomen waar een vrouw een omvangrijk project leidt in ‘integrated rural development’. En natuurlijk polst hij diplomatisch of we geen onderdeel van dit project kunnen steunen. Hij wil ook dolgraag dat we een van zijn projecten voor kleine boeren bezoeken, maar we hebben echt geen tijd. Father Alphonse maakt wel tijd voor ons en rijdt ons naar Chennai, onze volgende stopplaats. In de wagen discussiëren we verder over de corruptie, het kastensysteem en de man-vrouw verhouding. Drie issues die volgens hem dringend moeten veranderen om sneller vooruitgang te boeken.

Caritas Chennai (ex-Madras) is onze laatste stopplaats. Gedurende 2 dagen bezoeken we project na project: waste management, zelfhulpgroepen voor Dalit-vrouwen, huizenbouw na de Tsunami…Dat Chennai een grote rijke stad is, is snel duidelijk. Dit zou Parijs kunnen zijn. Ook de dorpsbewoners in het noorden van Tamil Nadu zijn er beter aan toe zijn dan die van Nellore.



07/03/09 - In het vliegtuig neem ik in gedachten afscheid van India. Een vriendelijk land dat godsdienstigheid uitademt en toch het triestige wereldrecord heeft van het hoogste aantal ondervoede inwoners, 230 miljoen. Een land waar 1 kind op 2 sterft aan ondervoeding.

Caritas India wees de corruptie en de grootgrondbezitters met de vinger. 15% van de bevolking bezit 85% van de rijkdom. Maar ook het kastenstelsel en de starheid die het in de maatschappij creëert. Het kastenstelsel dat in 1951 officieel werd afgeschaft, leeft nog altijd sterk op het platteland. Het is godsdienstig gefundeerd door de karmaleer: iedereen is verantwoordelijk voor zijn daden en niemand kan ontkomen aan de gevolgen ervan. De daden die de mens heeft verricht in een vorig leven bepalen zijn status in zijn huidig leven. Wie slecht gedrag vertoont, komt dus terug als een hond, zwijn of Dalit. Deze karmaleer leidt tot een ongeziene gelatenheid. Voeg daarbij dat het Hindoeïsme een godsdienst is die vooral gericht is op zelfontplooiing. Dat staat in scherp contrast met de Indische katholieke kerk die overduidelijk de kerk van de armen en onderdrukten is. Met Caritas vecht zij voor verandering, voor een fatsoenlijk leven voor iedereen..

In India zag ik veel armoede, meer dan ik had verwacht. Toch vertrek ik optimistisch, want ik heb met eigen ogen gezien hoe wij de levensomstandigheden verbeteren, hoe onze projecten de keuterboeren en Dalitvrouwen vooruit helpen.



Gerda maakte ook heel wat foto's die we voor u samenbundelden.

 

Wie zijn wij | Hulp buitenland | Hulp aan migranten | Hoe helpen? | Publicaties | Pers | Contact

Caritas International, Liefdadigheidstraat 43, 1210 Brussel
Tel: +32 (0)2 229 36 11, Fax : +32 (0)2 229 36 25, info@caritas-int.be, © 2008