04/08/11 - Het dunnende, witte haar van Aden Esse Kan is oranje geverfd zoals de lokale traditie het wil. Hij staat in de wervelende stofwolken van Oost-Ethiopië en praat honderduit over de droogte die zijn streek geselt. Als dorpsoudste van het dorpje Togo Wuchale, op een half uur stoffige weg van de stad Jijiga, vat Kan de problemen van zijn gemeenschap samen. “De droogte treft ons dubbel: ze raakt onze mensen en onze dieren," zegt hij. "Omdat er geen regen valt, hebben we niets te eten.” Deze noodkreet klinkt in Ethiopië zo vaak en bijna overal. In een groot deel van Ethiopië hebben 11 miljoen mensen voedselhulp nodig. In een heleboel regio’s zoals Jijiga, op een zestigtal kilometer van de grens met Somalië, verwoest de droogte het plaatselijke graasland zodat veel inwoners van Togo Wuchale zich genoodzaakt zien om hun sterk uitgedunde kuddes almaar verder weg te leiden op zoek naar voedsel. “Het vee moet nu lange afstanden afleggen om te grazen, minstens 400 kilometer”, legt Kan uit. “De jongsten en sterksten onder ons zijn vertrokken.” Leden van Caritas Internationalis boden hulp om de droogte- en armoedecyclus te doorbreken. In het kader van het vijverproject van Togo Wuchale – in het veld op poten gezet door de partnerorganisatie Secrétariat Catholique d’Hararghe – helpen leden van het Caritasnetwerk met de uitgraving van een uitgestrekte vijver van 75.000 vierkante meter die het dorp en twee buurdorpen het hele jaar van water zal voorzien. In het kader van dit project worden mensen uit de streek opgeleid om fruitbomen te telen en krijgen ze boompjes om te planten. De begunstigden van het programma leren ook om voor elke plant kleine reservoirs (microbassins genoemd) te gebruiken die speciaal afgestemd zijn op de lokale omstandigheden om het water optimaal te gebruiken en bodemerosie te voorkomen. Dankzij de beschikbaarheid van water twaalf maanden per jaar (een zeldzaamheid in dit dorre gebied) ziet het er goed uit voor de bevolking van Togo Wuchale, niet alleen omdat de mensen geld verdienen met de opbrengst van de papaja- en groenteteelt, maar ook omdat ze hun vee het hele jaar kunnen voeren… twee activiteiten die zonder vijver onmogelijk zijn. “Het watertekort vormt ons grootste probleem en wij verwachten dat dit stuwbekken het probleem voor ons zal oplossen", voegt Kan toe. In het geval van deze gemeenschap is zo’n oplossing van groot belang, zelfs van levensbelang. Immers, wie achterbleef in de regio na het vertrek van de jonge mannen – vooral vrouwen, kinderen en ouderen zoals Aden Kan – heeft nu alleen een overlevingskans door terug te grijpen naar voorouderlijke methodes: “We maken houtskool en kappen bomen voor verwarmingshout en afsluitingen, maar velen onder ons, zoals de vrouwen en kinderen, zijn niet in staat om die werkzaamheden uit te voeren”, geeft Kan aan. “Bovendien zijn ze schadelijk voor het leefmilieu.” Deze praktijken brengen inderdaad schade toe aan het plaatselijke leefmilieu en versnellen erosie en bodemverarming, waardoor de droogte in de toekomst zeker nog zal toeslaan. Daarom krijgt de plaatselijke bevolking in het kader van de Caritasinitiatieven in de regio ook een opleiding om te herbebossen en het leefmilieu te herstellen. De inwoners van de streek dragen net als Kan bij tot het vijverproject met hun arbeid en met hun gronden en kijken gretig uit naar het resultaat. Na drie jaar droogte weegt deze beproeving volgens Kan immers almaar zwaarder op hun schouders. “Ik ben zestig jaar oud en heb nooit een droogte gezien zoals deze”, besluit Kan. “Op dit moment valt het leven ons zwaar."
Schenk online (klik hier) of draag uw steentje bij via rekeningnummer BE88 0000 0000 4141 (of 000-0000041-41) met als vermelding "Hoorn van Afrika". Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar. |