DR Congo

Bezoek aan onze Congolese partners


In januari trok onze directeur, Gonzalo Dopchie, naar Congo. Hij zag dat er hard gewerkt wordt en met resultaat.

 “Als directeur heb ik me voorgenomen minstens eenmaal om de achttien maanden Congo te bezoeken. Caritas International heeft een jarenlange ervaring in het land en heeft ondertussen heel wat expertise opgebouwd. Onze sympathisanten zijn zich daar blijkbaar goed van bewust want zij blijven jaar na jaar onze acties in Congo steunen en daar zijn we heel blij mee. In 2008 alleen al hebben we een totaal budget van 2.500.000 EUR uitgegeven voor noodhulp, rehabilitatie en ontwikkeling in Congo. Hiermee hebben we ruw geschat minstens 25.000 families en nog eens 400.000 personen rechtstreeks geholpen. Congo is en blijft ook de komende jaren een prioritair land voor ons, spijts de moedeloosheid die in bepaalde stemmen doorklinkt. De bevolking heeft het moeilijk maar zij is niet verantwoordelijk voor alle ellende. We moeten haar blijven steunen. Wij zullen het land niet redden maar we kunnen wel het verschil maken voor heel veel mensen.

Caritas Congo is voor ons dan ook een belangrijke partner. Een volwaardig en efficiënt partnerschap bouwt men stelselmatig op. Men moet tijd nemen om elkaar te leren kennen, elkaar beter te begrijpen en te vertrouwen. En ik wil me hierbij zeker niet beperken tot de leidinggevenden binnen de centrale structuren maar ook de mensen op het terrein en de begunstigden binnen onze projecten ontmoeten. Vandaar mijn dienstreis in januari ll.

Er waren vanzelfsprekend de meer officiële contacten met o.m. de Belgische ambassade en de vertegenwoordiging van de EU: heel belangrijk met het oog op de financiering van onze programma’s en het openen van deuren. Verder was er een ontmoeting met een vertegenwoordiger van de bisschoppenconferentie, en verschillende werkvergaderingen om problemen aan te kaarten, te evalueren, ons nieuw driejarenprogramma voor te bereiden .Maar het meest verrijkende en hartverwarmende tijdens een dergelijke dienstreis blijven toch altijd de ontmoetingen met de mensen op het terrein.

Dokter Bénédicte Claus, die in Kinshasa de leiding heeft over een netwerk van Caritasgezondheidscentra (campagne 2007), heeft ons een therapeutisch centrum voor zwaar ondervoede kinderen laten zien. Ik ben onder de indruk van haar doorzettingsvermogen en dat van haar uitstekende lokale medewerkers. Wij steunen haar werk maar institutionele partners als de EU hebben hun prioriteiten ondertussen verlegd. Zij blijft zoeken, met de wilskracht die haar eigen is, naar nieuwe financieringsmogelijkheden en wij samen met haar. De ondervoede kinderen van Kinshasa in de steek laten is geen optie! Ook hier werd nog eens bevestigd dat lokaal ingeplante gezondheidscentra heel belangrijk zijn voor de mensen omwille van de lage toegangsdrempel en het informele karakter. We moeten veeleer hierin financieren dan in grote ziekenhuizen die moeilijk toegankelijk zijn voor de gewone burger.

 Op het plateau van Bateke startten we in 2005 met een voedselzekerheidsprogramma dat eind vorig jaar afgelopen is. Ik heb met mijn eigen ogen gezien dat de mensen ondertussen het project in eigen handen hebben genomen - gezinnen maar ook gemeenschappen doen op een efficiënte manier aan landbouw - en het lukt. Er is o.m.ook een winkel waar alles voor het productieproces kan gekocht worden. Je vindt er, wat ongewoon misschien, ook onderdelen van fietsen. De fiets is een heel belangrijk transportmiddel en het is belangrijk dat vervangstukken ter plaatse kunnen aangekocht worden.

De streek van Basankusu in de Evenaarsprovincie is erg vruchtbaar maar had erg te lijden onder een meedogenloze burgeroorlog . Toen de boeren naar hun dorpen terugkeerden, lagen hun akkers braak en waren hun werktuigen gestolen. Zuster Félicité (Campagne 2008) troonde ons mee naar een vissers- en een landbouwgemeenschap waar we de afgelopen jaren samen voor een grotere opbrengst hebben gezorgd en een grotere voedselzekerheid hebben gerealiseerd o.m. door het opstarten van een aantal economische activiteiten.

Congo blijft natuurlijk altijd een beetje dat ‘ongrijpbare land’. Om van Kinshasa naar Basankusu te vliegen zijn we via Mbandaka, Bumba en Lisala gereisd: een omweg van maar liefst 650 km en 3 extra stops. Voor onze terugkeer vanuit Mbandaka naar de hoofdstad moesten we absoluut nog kennismaken met een vrouwengroepering. Groot was onze verbazing toen we op de bijeenkomst alleen maar mannen zagen: de vrouwen waren blijkbaar nog aan het werk en kwamen slechts met mondjesmaat een kijkje nemen. Congo blijft een land waar hoofdzakelijk de mannen het voor het zeggen hebben maar uitzonderingen zoals Zuster Claus en zuster Félicité bevestigen de regel en bieden perspectief. Hoop is er in ieder geval op vele vlakken. We laten Congo niet los en we blijven rekenen op de solidariteit van onze sympathisanten.”


Opgetekend door Johanna Vanraes voor ons magazine.

 

Wie zijn wij | Hulp buitenland | Hulp aan migranten | Hoe helpen? | Publicaties | Pers | Contact

Caritas International, Liefdadigheidstraat 43, 1210 Brussel
Tel: +32 (0)2 229 36 11, Fax : +32 (0)2 229 36 25, info@caritas-int.be, © 2008