05/07/10 - Caritas Internationalis vraagt om de humanitaire steun voort te zetten aan Noord-Korea, ondanks de huidige uiterst gespannen verhoudingen van dat land met Zuid-Korea. Volgens een internationaal onderzoeksteam is Noord-Korea verantwoordelijk voor het torpederen op 26 maart van een Zuid-Koreaans oorlogsschip, waarbij 46 bemanningsleden omkwamen. Als wraakmaatregel sneed Zuid-Korea de meeste handel af en legde vanaf 24 mei alle humanitaire hulp aan het Noorden stil. Lesley-Anne Knight, secretaris-generaal van Caritas Internationalis, hoopt op een spoedige vreedzame oplossing van het conflict door diplomatiek overleg, dialoog en verzoenende taal. Een verdere escalatie kan immers alleen maar leiden tot slechtere leefomstandigheden van de nu al noodlijdende bevolking van Noord-Korea: "Het bestraffen van om het even welk regime door economische sancties en door de stopzetting van humanitaire hulp pakt altijd verkeerd uit. Onze ervaring leert dat onschuldige burgers daarvan het eerste slachtoffer zijn. Na de herhaalde atoomproeven van de communistische bewindslieden in Pyongyang en na het tot zinken brengen van een oorlogsbodem sluit de internationale gemeenschap, nog méér dan voorheen, de ogen voor de heersende hongersnood in Noord-Korea. Als hulporganisatie stellen wij ons in deze neutraal en onpartijdig op. We maken een klaar onderscheid tussen het regime en de bevolking. De hulp aan de noodlijdende bevolking van Noord-Korea moet ten allen prijze doorgaan, en kan de hoog opgelopen spanningen tussen beide Korea's doen afnemen", vindt L.-A. Knight. Al 2 decennia lang hongersnood Wolfgang Gerstner, adviseur van Caritas-Duitsland voor Noord-Korea, voegt eraan toe: "Al twee decennia lang wordt de voedselproductie in Noord-Korea zwaar getroffen door natuurrampen, zoals overstromingen en langdurige droogte. Door de mislukte oogst van vorig jaar is het voedseltekort zeer ernstig, dramatisch zelfs in het noorden van het land. De boeren hebben een schrijnend tekort aan meststoffen omdat de internationale financiële steun hiervoor drastisch is gedaald. Door een mislukte munthervorming is het spaargeld van vele mensen op en bloeit de zwarte markt. Sinds de jaren negentig stierven al miljoenen mensen door honger. Kinderen, bejaarden en zieken hebben onze hulp uit het buitenland broodnodig. Met name de kindersterfte is alarmerend hoog. Volgens Unicef komen 55 op 1000 kinderen voor hun 5de jaar om door honger. Velen van hen zouden kunnen gered worden door ze tijdig en preventief te vaccineren". Strijd tegen hepatitis-B Volgens W. Gerstner vormt Hepatitis B (= virale leverontsteking, ook wel geelzucht genoemd) momenteel een bijzonder gevaar voor de jonge Noord-Koreanen. In en rond de hoofdstad Pyongyang vaccineerde Caritas, vanaf februari tot april, ongeveer een half miljoen kinderen vanaf 7 tot 16 jaar tegen hepatitis B, en wilde tegen eind van dit jaar in totaal zo'n 3,7 miljoen kinderen over héél Noord-Korea inenten. Maar sinds 24 mei is die actie noodgedwongen stopgezet, omdat de Zuid-Koreaanse overheid geen toestemming geeft voor het transport van vaccins. Op vraag van de Noord-Koreaanse Ministerie voor Volksgezondheid leverde Caritas Internationalis ook extra voedselhulp (sojabonen, plantaardige olie en suiker) voor tuberculose-patiënten in 22 TBC-zorgcentra. Caritas Internationalis ging als eerste buitenlandse NGO in 1995 aan het werk in Noord-Korea en heeft de voorbije 15 jaar al 33,8 miljoen dollar (26,9 miljoen euro) noodhulp gegeven. De organisatie richt zich vooral tot de meest kwestbare groepen, zoals kinderen, zwangere vrouwen, zieken en bejaarden, die het ergst te lijden hebben van ondervoeding en de ermee verbonden gezondheidsproblemen.
|