In de Viroinvallei weerklonken eind augustus ongewone accenten. Tussen het gebruikelijke Frans en het Nederlands door van onze oogappels die er elk jaar massaal op zomerkamp gaan, werd ook Engels, Koerdisch, Mongools en Arabisch gesproken. Dit mooie stukje natuur werd uitgekozen door acht buitenlandse jongeren die alleen in België wonen (niet-begeleide buitenlandse minderjarigen, NBBM) en hun voogden van Caritas International om er een weekje hun tentenkamp op te slaan. Een welkome verademing voor deze jongens en meisjes die het door de opvangcrisis niet altijd even makkelijk hebben... Op een steenworp afstand van de Franse grens, tussen Dinant en Chimay, verrast de Viroinvallei ons met haar schoonheid. In de schaduw van het groen kronkelt de rivier zich een weg door dorpen opgetrokken uit blauwe steen en door bossen omzoomd, alvorens uit te monden in de Maas. Nabij de oever in de schaduw van enorme bomen sloegen acht jongeren, drie meisjes en vijf jongens tussen 11 en 17 jaar, hun kamp op voor een week, in het gezelschap van hun voogd van Caritas International. Op de agenda: Overnachten in tenten, mountainbiken, klimmen, death ride, rappel en uiteraard veel spelletjes en boswandelingen. Dit initiatief, het eerste in zijn soort voor zulke jongeren en maatschappelijk werkers, kwam tot stand met de steun van Vlaanderen en twee begeleiders van de VZW Nature (www.nature.be) "Het idee is om deze jongeren de kans te geven om eens op vakantie te gaan en vooral om hen even te laten ontsnappen uit het alledaagse leven", zegt Elvire Delwiche, voogd van twee meegereisde jongeren en tevens organisator van het kamp. "De deelnemers zijn bijna allemaal nog maar pas aangekomen en net geplaatst door de Dienst Voogdij. We sturen deze jonge mensen op kamp omdat ze, in tegenstelling tot de meeste niet-begeleide buitenlandse minderjarigen die strandden op Belgische bodem, uit de boot vielen voor geanimeerde opvang tijdens de schoolvakanties. Ze verblijven hier bovendien in omstandigheden die amper zijn aangepast aan hun behoeften. Het gebrek aan activiteiten in noodopvangcentra en hotels met een degelijke omkadering is niet bepaald goed voor het moreel van deze jongeren, zeker niet in de zomer wanneer de school wegvalt. Hen in staat stellen om te ontsnappen en zich eens goed te kunnen uitleven is voor hen een ware verademing. Even volledig breken met het leven van alledag." De vijf voogden van Caritas International begeleiden ieder tot 25 jongeren in hun zoektocht naar duurzame oplossingen, in België of elders. Het hoeft geen verhaal dat deze wettelijke verantwoordelijken van de minderjarige vreemdelingen over wie ze in de meeste gevallen beslissen, door een strak werkschema maar weinig de kans hebben om samen met hen tijd te maken voor ontspanning. M. is een rustige tiener van zeventien jaar uit Guinee die onlangs werd erkend als vluchteling. Momenteel verblijft hij in een overbevolkt opvangcentrum in Brussel. Net terug van een boswandeling vertelt hij ons over zijn eerste kennismaking met de Ardennen. "Dit is mijn eerste echte vakantie in België. Het doet deugd om uit de stad te zijn en de natuur te ontdekken! Mijn eerste schooldag in België staat voor de deur en ik ben verheugd om binnenkort andere jongeren te ontmoeten die in dezelfde situatie zitten als ik. Elvire vervolgt: "We beseffen pas wanneer we ze hier allemaal samen zien en we van zonsopgang tot zonsondergang samen onze tijd spenderen, dat het nog steeds kinderen zijn. Nog steeds, ondanks de zware beproevingen die ze hebben doorstaan in hun land van herkomst en sinds hun vertrek. We hebben soms de neiging om daar over te kijken, een dermate goed aanpassingsvermogen hebben ze, zoals we merken tijdens de identificatieprocedure en de zware weg naar het verwerven van hun rechten." Zelfs na enkele weken blijven de jongeren met elkaar in contact. Volgende zomer trekken we alvast terug de natuur in. Toch mogen we de trieste realiteit niet uit het oog verliezen, die van een verzadigd en ontoereikend opvangnetwerk voor niet-begeleide buitenlandse minderjarigen. In 2010 waren er 649 plaatsen terwijl er elke drie uur een nieuwe NBBM opduikt op ons grondgebied. Hoewel de wet voorschrijft dat elke minderjarige vreemdeling recht heeft op medische, sociale en juridische bijstand, worden velen onder hen accommodatie geweigerd. Zij die bij aankomst geen asielaanvraag indienen zijn hier in de eerste plaats de dupe van. Deze discriminatie dreef de voogden van Caritas International om zelf onderdak te zoeken voor deze jongeren en juridische stappen te ondernemen om Fedasil te wijzen op hun verantwoordelijkheden. Intussen zijn vele minderjarigen, in afwachting dat hun dossier door een rechter wordt behandeld, op zichzelf aangewezen in hotelkamers (127, eind 2010), in federale centra voor volwassenen (60, eind 2010) of op straat, gaande van enkele dagen tot wekenlang, zonder eten, zonder opvolging en ver weg van het school. Samen met haar partners van Ciré (http://www.cire.be), Vluchtelingenwerk Vlaanderen (http://www.vluchtelingenwerk.be)en het platform Mineurs En Exil (http://www.mineursenexil.be) pleit Caritas International voor structurele oplossingen voor de crisis en voor de oprichting van een opvangplaats afgestemd op de behoeften van deze categorie van migranten die tot de meest kwetsbare behoort. En dit reeds voorafgaand aan de identificatieprocedure en aan de erkenning van hun statuut. Feiten (2010) : - In 2010 dienden 2 831 NBBM zich aan bij de dienst Voogdij.
- Hiervan waren 200 jonger dan 12 jaar.
- ¾ van hen zijn jongens.
- Belangrijkste landen van herkomst zijn Afghanistan, Algerije, Guinee en Marokko
- 149 NBBM werden begeleid door voogden van Caritas International.
- In 2010 telde het opvangnetwerk voor NBBM in België 649 plaatsen.
|