Blog Jan Bierkens

Overstomingen in India (2)


Straatarm, lawaaierig, overbevolkt, ongestructureerd en in eeuwige bruingrijze smog gehuld. Het mocht een raadsel heten hoe Saharsa, gelegen in het noordoosten van Bihar op ongeveer 75 km afstand van de Nepalese grens, zich ooit een plaatsje op de wereldkaart had weten te verwerven. Ik kon slechts één reden bedenken waarom de naam van dit betekenisloze stadje recentelijk mij ter ore was gekomen: Saharsa behoorde namelijk tot een van de zwaarst getroffen regio’s in een van de meest verwoestende overstromingen die India had gekend in honderd jaar tijd.


(c) Jan Bierkens

Priester Aby stond ons reeds met een brede glimlach en de armen wijd open in het deurgat op te wachten toen de jeep zijn laatste bocht inging en brullend het kiezelpad kwam opgereden. Hij was kalend, klein van gestalte en droeg een donkere, zware baard. Op zijn neus pronkte een verouderd brilmontuur met daarin kanjers van glazen, waarachter piepkleine maar eerlijke ogen schuilgingen waarmee hij me gedurende enkele tellen goedkeurend gadesloeg. Zijn handdruk was een bankschroef.
‘Kom binnen, kom binnen’, zei hij opgewonden. ‘U zult vast moe en hongerig zijn.’ Ik knikte. De priester boog lichtjes voorover en sloeg de handen in elkaar.
‘Vergeeft u mij de slechte wegcondities mr. Jan. De regering in Bihar doet haar werk bijzonder slecht. Wist u dat ze wordt beschouwd als de meest corrupte regering in heel India? Stelt u het zich toch eens voor.’ Mijn chauffeur stond er verslagen bij en deelde zichtbaar in de schaamte van zijn overste.
‘Komt u nu toch, er staat een bord met eten voor u klaar.’ Ik tilde mijn bagage van de grond en volgde de priester naar binnen.

Het kalkwitte gebouw had een ronde vorm en leek bedachtzaam ingedeeld volgens Gods vermoedelijke verlangens: aan de buitenkant van de cirkel bevonden zich zes even grote kamers en centraal een kleine, pasgeverfde kerk waar slechts een houten altaar stond met daarop een gesloten, goudkleurige bijbel. Nergens stonden zitbanken. Boven de stenen wastafel in een hoek van de eetkamer hing aan de muur een ingekaderde, vergeelde portretfoto van Moeder Theresa en er naast, een duim lager, een schilderijtje van Jezus en de twaalf apostelen tijdens het Laatste Avondmaal. Deze katholieke kerk, onder leidingschap van priester Aby Abraham, was de enige kerk in heel Saharsa - de christelijke gemeenschap in het noorden van India behoort tot een kwetsbare minderheid en wordt op verscheidene manieren onderdrukt. Bepaalde staten van het land, waaronder Orissa, worden al jaren geplaagd door (soms bloedige) geloofsconflicten waarin het christendom een prominente rol vertolkt. Ik zou Aby hierover nog vaak horen fulmineren.


(c) Jan Bierkens

Het waren drukke tijden voor de priester. Sinds het begin van de overstromingen eind augustus deed de kerk eerder dienst als een soort basiskamp voor zowel professionele hulpverleners als vrijwilligers, komende uit zowat alle hoeken van het land. Onder de indruk van de schrijnende toestand in Bihar, kwamen goedhartige types voltallig naar de getroffen regio afgezakt, in de hoop hun steentje te kunnen bijdragen. Collega en goede vriend van Aby, priester Satyajit uit Benares, pendelde wekelijks, meestal per trein, tussen zijn thuisbasis en Saharsa. Satyajit was de secretaris van JVS (Jan Vikas Samiti), een ontwikkelingsorganisatie die gevestigd was in Varanasi en die naar eigen zeggen streefde naar een welvarende, sociaal gelijke gemeenschap. JVS en BDVS (Bihar Dalit Vikas Samiti), hadden meteen na de ramp de hoofden bij elkaar gestoken en zetten een uitgebreid programma op touw dat in eerste instantie focuste op de ondersteuning van de dalit gemeenschap (dalits behoren tot de laagste kaste in India en worden op de meeste plaatsen in het land tot op heden verstoten).


(c) Jan Bierkens

De voornaamste donororganisaties voor deze hulpverleningsoperatie waren Misereor (Duitsland), Diakonia (Zweden), Idesch patenschaftan (België) en het Caritas netwerk. Op 3 september werden de eerste medische kampen opgericht in en rondom Saharsa, waarmee getracht werd dagelijks tussen de 500 en 600 slachtoffers te bereiken. Tijdens die periode ontfermde het Bihar Social Forum zich nog over de voedselvoorziening. Een maand later, op 2 oktober om precies te zijn, nam Caritas India evenwel deze taak van ze over.

De getroffen regio’s werden in een eerste fase nauwkeurig onder de loep genomen en de plaatsen waar interventie noodzakelijk werd geacht werden genoteerd. Wat volgde was de identificatie en registratie van de meest noodlijdenden en de uitdeling van rode voedselkaarten. Op vooraf bepaalde data en plaatsen werden tenslotte de bijna 40 kg zware pakketten aan de man gebracht, voor zover mogelijk uitsluitend onder degenen die in het bezit waren van een geldige kaart. De controle was streng. Verspreid over een periode van 18 dagen, werden er in Saharsa 7489 voedselpakketten gedistribueerd, elk bestaande uit geplette rijst (5 kg), dhal (peulgewassen) (2 kg), gewone rijst (10 kg), gram (5kg), gram poeder (sattu) (10 kg), aardnoten (2.5 kg), zout (2 kg) en ongeraffineerde suiker (3 kg).


(c) Jan Bierkens

Pas op 20 oktober werd de voedselbedeling in Saharsa tijdelijk stopgezet, nadat een grondige evaluatie van de huidige toestand had aangetoond dat de meeste mensen voorlopig verder konden. Het leven zoals het was geweest voor de overstroming, kon nu stilaan worden hervat. Althans in Saharsa.


Lees verder: deel 3 van deze blog.

 

Wie zijn wij | Hulp buitenland | Hulp aan migranten | Hoe helpen? | Publicaties | Pers | Contact

Caritas International, Liefdadigheidstraat 43, 1210 Brussel
Tel: +32 (0)2 229 36 11, Fax : +32 (0)2 229 36 25, info@caritas-int.be, © 2008