De wagen trok zich krampachtig door de vaste modder. Periodiek opflakkerende lichtsensaties deden de harten sneller slaan, terwijl er binnenin de wagen angstvallig werd gewacht op die ene paukenslag. Passie versus wraak. Aan de kant van de weg stond een man, doordrenkt en zo te zien behoorlijk vermoeid. Wellicht van al het geploeter. Het linkervoorwiel van zijn vrachtwagen zat tot boven de helft in het slijk. De sukkelaar stond er lusteloos bij en schopte flauwtjes, met verbeten woede, tegen het aansprakelijke stuk rubber. ‘Verdomde regen.' mompelde ik in zijn plaats.  © Jan Bierkens Kisenso was niet meer veraf. Als alles goed ging nog een kwartiertje. ‘Is dit dagelijkse kost?' vroeg Gerda, bang voor het antwoord dat ze ging krijgen. Ze hield een hand voor haar mond en staarde dromerig en onafgebroken door het aangedampte raam naar de modderige wereld van daarbuiten. Gerda Wylin was verantwoordelijke voor de Dienst Communicatie van Caritas in Brussel. Ze verbleef deze week in Kinshasa om er een atelier bij te wonen en maakte van die tijd handig gebruik om samen met mij een bezoek te brengen aan één van de door Caritas België gefinancieerde gezondheidscentra in Kisenso. ‘Ach,' zei Florence met een wegwuivend gebaar. ‘Dit stelt nog niets voor. Laat het maar eens twee dagen onophoudelijk regenen. Dan pas...' ‘Mundele!! Mundele!! werd er plots uitbundig getierd. -‘Blanke!! Blanke!!'- Twee jonge snuiters kwamen achter de wagen aangelopen en trommelde met hun vuisten op de achterruit. Na amper 15 meter gaven ze de strijd al op. Dan pas...' hervatte Florence met lichtjes verheven stem. ‘Dan pas zie je welke schade de regen hier kan aanrichten.' » deel 2 |